Boekgegevens
Titel: Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Auteur: Alberdingk Thijm, Petrus Paul Maria
Uitgave: 's-Hertogenbosch: Henri Bogaerts, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 982
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206358
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis: algemeen
Trefwoord: Geschiedenisonderwijs, HBS
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
moeten gebracht worden niet door „stroppen en koord,
maar door het levend woord." Men weet ondertusschen
dat al hebben sommige Hoofden het volk door „strop-
pen en koord" willen dwingen tot terugkeer van den
opstand en vasthouden aan de beginsels der katholieke
Kerk, andere hen door galg en rad daarvan hebben
zoeken af te brengen.
En toch behoort ook de schrijver dezer woorden tot
de meest welwillende historici van ons land.
Daarom twijfelen wij dan ook niet, dat deze en meer
andere eenzijdige voorstellingen der feiten, na een ern-
stige studie des werks van Dr. W. J. Nuijens, 1) eindelijk
uit de wereld zullen verdwijnen.
Indien men door het uitsluiten van meeningen over
eene historische zaak de verdraagzaandieid in de school
meent te kunnen bevorderen, zoo moesten werken waarin
zich dergelijke dwalingen bevinden, 't eerst uitgesloten zijn.
Wij voor ons denken daarover echter anders. Eensdeels
zien wij niet in, dat de verdraagzaamheid eens volks
daardoor bevorderd wordt, dat men de kinderen zooveel
mogelijk went, in zaken die zich bij denkbeelden over
godsdienst aansluiten, geene meening te hebben,
of althans nooit die meening te laten hooren. Ja, wij
zien zelfs niet in, dat verdraagzaamheid denkbaar is
zonder vaste overtuiging, zonder liefde voor eene zaak. De
toegevendheid van iemand die geene overtuiging heeft is
geene verdraagzaamheid. Verdraagzaamheid is niet anders
dan een uitvloeisel van Christelijke liefde, bij diegenen
welke bepaalde opiniën hebben, en die hunner medemen-
schen welke daarvan afwijkende meeningen zijn toegedaan,
niet verachten. Wat men vaak „verdraagzaamheid" ge-
lieft te noemen is niets anders dan beginselloosheid,
karakterloosheid, en daartoe geeft de zoogenaamde eer-
1) »De Nederl. beroerten in de XVle eeuw," Amsterdam, C. L. van Langenhuysen.