Boekgegevens
Titel: Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Auteur: Alberdingk Thijm, Petrus Paul Maria
Uitgave: 's-Hertogenbosch: Henri Bogaerts, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 982
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206358
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis: algemeen
Trefwoord: Geschiedenisonderwijs, HBS
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE SCHOOLBOEKEN.
Ten slofte willen wij dan nog een woord o?er de
schoolboeken van geschiedenis handelend in 't midden
brengen, om een nieuw bewijs te geven, hoe de een-
zijdigheid en antikatholieke richting de belangen der gods-
dienst en der waarheid in geschiedenis, op de hoogere
burgerscholen bedreigt.
Laat ons daartoe eenige der meest gezochte handboe-
ken opslaan; boeken, welke reeds een groot aantal malen
herdrukt zijn, waaraan door de mannen van het onder-
wijs vrij algemeen het praedikaat der waarheidlievend
heid is gehecht geworden, en daarom op grooter ver
breiding mogen roemen dan andere geschiedenisboeken
van dien omvang in ons land. Men vergunne ons
echter namen en titels van die werken te verzwijgen.
Wij vinden bij voorbeeld over de geschiedenis van
het byzantijnsche rijk den volgenden volzin: „Ook
beschuldigde de Paus Ie Rome de geestelijkheid en den
Bisschop of Patriarch van Constantinopel van ongeloof
en misbruiken, en deze wederkeerig den Paus; en
deze twisten liepen eindelijk zoo hoog, dat er eene
geheele scheüring in de Christelijke kerk plaats had
(1050 n. Chr); verdeelende zij zich in de Grieksche,
welke de Grieksche taal bij de godsdienstoefeningen ge-
bruikte en de Latijnsche of Roomsche, dus genoemd,
dewijl het Latijn de taal was, die in de kerk van Rome
werd gebruikt."
De schrijver dezer woorden heeft hier nu een bewijs
van onpartijdigheid willen geven, door noch aan de
handelingen des Pausen noch aan die des Patriarchen
den voorkeur toe te kennen. Maar is dat daarom onpar-
tijdigheid ? Wij zeggen met al onze overtuiging: