Boekgegevens
Titel: Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Auteur: Alberdingk Thijm, Petrus Paul Maria
Uitgave: 's-Hertogenbosch: Henri Bogaerts, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 982
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206358
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis: algemeen
Trefwoord: Geschiedenisonderwijs, HBS
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het onderwijs in geschiedenis op de Hoogere Burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
scliilligheid voor andere vakken met zich. Plet is hoogst
zeldzaam, dat een uitstekend mathem aticus, even ervaren
liistoricus is, en omgekeerd. En viranneer wij nog daarbij
rekenen, dat over onze meest katholieke provinciën een
proteslantsclie Inspektie voor middelbaar onderwijs is
gesteld, zoo zal, ondanks goede trouw en bekwaamheid,
uit al wat wij in 't licht stelden toch volgen, dat het doel
des wetgevers niet kan worden bereikt: namelijk, eene
gelijke vrijheid van onderwijs voor allen.
De wetgever heeft aan de bewakers en uitvoerders
van 't onderwijs eischen gesteld, waaraan, zoolang als
een mensch zal blijven bestaan uit een eindig en een
oneindig deel, onmogelijk kan worden voldaan. De wijze
van streven naar 't eeuwige als iets onverschilligs te be-
schouwen in het onderwijs, kan men aan 't volk niet
opdringen; men moet er zich naar richten, wil men in
den naam van de ware vrijheid, en algemeene volks-
ontwikkeling, die de wet beoogt, zich geenen tjran
toon en. Hoe weinig de algemeene vrijheid door de wetten
op 't onderwijs bevorderd wordt, hoe in nog andere
opzichten dan de hier genoemde de geloovige Katholieken er
door aan een band worden geslagen, dien wij hoopten dat
sedert de grondwet van 1848 na driehonderd jaar ver
drukking was verbroken, is elders met nog andere
gronden ontwikkeld dan wij hier gelegenheid hebben
aan te voeren. 1)
Wij willen hier niet eens verder ervan spreken, hoe
de geschiedenis der letterkunde op de hoogere burger-
scholen wettig wordt behandeld.
Men ziet uit al hetgeen wij hebben gezegd, dat de
voorstanders der verdraagzaamheid, der onzijdigheid, of
hoe men verder de verdedigers der godsdienstlooze school
'I) A. van Gestel, S. J. »De Nederlandsche schoolwet," 1867, bl. 27, vlgg. »Pau
perisme en Christendom," bl. 18, vlgg. bl. 92, vlgg.