Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1848
3e verm. dr; 1e dr.: 1840
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 673 E 25
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206351
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Lager onderwijs, Overijssel, Regels (vorm), Besluiten (vorm), Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
SCnOOLVERVULLINGEN. 73
naar gelang der omstandigheden, tot het bijwonen van
het examen zijn toegelaten.
De geregligden doen dit, mede door hen gecerliliceerd,
proces verbaal cn tabel toekomen aan den dislricts-school-
opziener, met bijvoeging eener, op een afzonderlijk blad
geschrevene nota, houdende hunne aanmerkingen aangaan-
de dien der geëxamineerde sollicitanten, welke door hen,
voor den post, of de te vervullen plaats, meest geschikt
geoordeeld wordt, zulks met vereisclite achtgeving op de
aan den dag gelegde bekwaamheden voor de schooldienst.
Deze beide stukken, namelijk het proces-verbaal met de
tabel, benevens de gezegde nota, zendt de districls school-
opziener in bij den heer gouverneur zijner provincie, en
voegt er insgelijks op een afzonderlijk blad, eene tweede
nota bij, inhoudende zijne eigene aanmerkingen omtrent
den sollicitant, die door liem het meest geschikt wordt
geoordeeld voor de te vervullen school. De inzending dezer
stukken bij den gouverneur behoort plaats te hebben bin-
nen veertien dagen na het afgenomen vergelijkend exa-
men.
Door den heer gouverneur worden gezegde drie stukken,
namelijk a. het proces-verbaal met de daartoe belioorende
tabel, 6. de nota der geregtigden en c. de nota van den dis-
tricts-schoolopziener, in origiiiali, en met bijvoeging zijner
consideratiën, ingezonden bij den minister van binnen-
landsche zaken, onderwijs en waterstaat, door wien de
autorisatie tot het doen der speciale admissie moet worden
verleend.
Alles in behoorlijke orde bevonden wordende, ontvangen
de geregtigden, uiterlijk na verloop van vier weken, door
tusschenkomst van den heer gouverneur der provincie, de
autorisatie tot het doen der aanstelling of het verleenen
der toelating. Zoo niet, dan is het onvermijdelijk, dat er
imeer tijd verloope tot het herstellen der begane abuizen of
anderzins. Ook uit dezen hoofde is het dus van liet meeste
belang, dat alles in den behoorlijken vorm en met eenpa-
righeid behandeld, voorgedragen en opgezonden worde.
Al het bovenstaande is gegrond op, of breeder omschre-
ven, het zij in onderscheidene artikelen der publicatie van
3 Jpril 1806, houdende de algemeene schoolwet, het zij
bij de bepalingen . vervat in de respectieve huishoudelijke
reglementen, het zij en vooral bij artikel 2 van het be-
4