Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1848
3e verm. dr; 1e dr.: 1840
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 673 E 25
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206351
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Lager onderwijs, Overijssel, Regels (vorm), Besluiten (vorm), Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
1
\
lijl^ 31 REGLEMENT VOOR HET LAGER SCHOOLWEZEN
Bataafsche Republiek wordt gegeven, deels door de on-
derwijzers van beiderlei kunne in de, art. 2 en 3, om-
schreven openbare en bijzondere scholen, onder welke
ook gerekend worden alle zoodanige personen, die aan
den werkelijken schoolhouder of schoolhouderesse gesub-
stitueerd of geadjungeerd zijn, of ook onder den naam van
ondermeester, ondermademoiselle of anderszins in eene dier
scholen niet eenig afzonderlijk vak van het lager onder-
wijs bepaaldelijk belast zijn, — deels door zoodanige on-
derwijzers van beiderlei 'kunne, als onder den titel van
onderwijzer aan de huizen, taalmeester, opzegger of ee-
nigen anderen, het zij in hunne eigene, het zij aan de
huizen van anderen, aan eenen of meerdere leerlingen in
eenig gedeelte van het lager onderwijs, boven in art. 1
omschreven, onderrigt geven.
Deze allen zijn begrepen in de algemeene wet; worden-
de van elkander onderscheiden door de algemeene benoe-
mingen van schoolonderwijzers, schoolhouderessen en huison-
derwijzers. Alleen de zoogenaamde gouverneurs en gouver-
nanten zijn hiervan uitgezonderd, (verg. art. 13 der wet).
a). Ten aanzien van liet Lnisonderwijs is Lij art. 12 van het kon.
besl. van 2 Jannarij 1842, n°. 61, (St.hl. n°. 1), verklaard:
Bij wijziging, in zoo verre, van art. 4 van het reglement A,
Lehoorende bij de wet van 3 April 1806, zullen de huisonder-
wijzers cn de huisonderwijzeresscn, in hunne eigene huizen of
in de huizen van anderen, aan niet meer dan hoogstens vijf
leerlingen te gelijker tijd onderrigt mogen geVen in zoodanige
gedeelten van het lager onderwijs, bij art. 1 van het voornoem-
de reglement omschreven, als waarvoor zij de algemeene en spe-
ciale toelating verkregen hebben, ten ware evenwel, dat zich in
één huisgezin, een grooter aantal kinderen, mits tot hetzelve
behoorende, mögt bevinden.
b). Zie over de kweekschool van onderwijzers te Haarlem en over
de landsbeurzcn of prebenden Ier opleiding van meisjes tot on-
derwijzeressen bierachter de bijlage B.
Art. 8.
Elk der schoolopzieners, (art. 1 der wet) heeft zijn bij-
zonder district, waarover het opzigt aan hem persoonlijk
is aanbevolen, en waar binnen hij zoo veel mogelijk, met