Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1848
3e verm. dr; 1e dr.: 1840
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 673 E 25
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206351
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Lager onderwijs, Overijssel, Regels (vorm), Besluiten (vorm), Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
126 AAHHAINGSEL.
Het gouvernement, dat het besluit heeft genomen met het doel,
om« zoo als in de praemissen is gezegd, zoo veel mogelijk aan de
geopperde bezwaren te gemoet te komen, voor zoo veel zu ks behou-
dens dc bestaande •wettelijke bepalingen kan geschieden , vermeent
dan ook, door hetzelve al het mogelijke gedaan te hebben om het
vertrouwen te doen terug keeren, en verwacht levens, dat ook zij,
die in eenige betrekking tot het lager onderwijs slaande, de bepa-
lingen van het besluit willigt zouden beschouwen als minder noodig,
en als aanleiding kunnende geven tot verschillende mocij el ijk heden,
desniettegenstaande, uit aanmerking van iictgene men aan een
ieders gevoelen verschuldigd is, met de meeste welwillendheid steeds
zullen medewerken om die moeijelijkheden te vermijden, en om het
besluit, door eene bedaarde en onpartijdige toepassing, inderdaad te
doen strekken ter bevordering der belangen van het onderwijs.
Mogt echter deze verwachting, onverhoopt niet worden verwe-
zenllijkt, en mogt de ondervinding doen zien, dat de opvolging der
bepalingen van het tegenwoordig besluit niet voldoende waren om
het voorgestelde doel te bereiken, cn dat dit van den anderen kant
niet mogelijk is, zonder inbreuk te maken op dc thans beslaande
wetgeving, als dan zoude er niets anders overblijven dan te over-
wegen , in hoe verre cr termen zouden zijn om de zaak te maken
tot een punt van beraadslaging bij de wetgevende magt.
]V» KON. BESLUIT van 3 Julij 1843, (st. bl.
29), houdende uitbreiding van de be-
staande verordeningen op het lager onder-
wijs voor het hertogdom Limburg.
"vvij Willem II, enz.
Gezien de voordragt van onzen minister yan binnenlandsche zaken,
van den 15 Junij 1843, n°. 101, 5de afdeeling;
Gelet op de verordeningen op heilager onderwijs, welke, uit kracht
der wet van den 16 Mei 1841 (st.bl. n®. 15), derzelver verbindende
kracht in het hertogdom Limburg hebben herkregen, en wel voor-
namelijk op:
O. het kon. besl. van den 16 Maart 1821, n®. 87, houdende, on-
der anderen, instelling eener provinciale commissie van onderwijs in
de toenmalige provincie Limburg^ en verdere verordeningen, met de
uitoefening van het toezigt over het onderwijs aldaar in verband
staande:
b, de voorloopige instructie voor de districts-scboolopziencrs cn
commissien van onderwijs, met de daarbij behoorendc nadere bepalin-
gen wegens het aÜeggcn der examens, en de algemeene schoolorde,