Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1848
3e verm. dr; 1e dr.: 1840
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 673 E 25
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206351
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: Lager onderwijs, Overijssel, Regels (vorm), Besluiten (vorm), Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis van de bestaande bepalingen op het lager schoolwezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
AANHAISGSEL. 117
. 26), waarbij eene nadere uillegging wordt gegeven van art.
en 2 van 's Honings besluit, boudcnde w ijzigingen in de beslaande
palingen omlrent bet onderwijs, van den 27 Mei 1830 (Si. bl. n°. 9).
U Hoog Ed. Gest, gelieve dit besluit, waardoor alle twijfel omtrent
n gang der scboolvervullingen moet opbonden, te brengen of te
Ben brengen ter kennis van alle personen, commissien en coliegien,
in welke het beboort, en voor de naauwkeurige uilvoering daarvan
I noodige zorg tc dragen of te doen dragen.
Het zal aan de aandacht van U Hoog Ed. Gcstr. niet ontgaan, dat
I strekking der onderwerpelijke verklaring Zijner Majesteit tw eeledig
Vooreerst moet dezelve dienen om de stedelijke en plaatselijke
sturen te doen weten, dat het houden van vergelijkende examens
k lot vervulling van bijzondere seholen der tweedp klasse steeds
gel blijft. In de tweede plaats strekt dat besluit om alle beden-
ïlijkheden, welke omtrent de wijze van toelating en vervulling van
;zc of gene der lagere scholen voorlaan mogten ontstaan, uit den
eg te mimen door de, in die gevallen, tusscbenkomende medewer-
ng en beslissing van het departement van binnenlandsche zaken,
s betvelk ook volgens bet tegenwoordig besluit de bevoegdheid
ïeft, om waar zulks gepast mogt bevonden worden, lot de toelating
aanstelling te magtigen zonder de gebruikelijke en overigens bij
t besluit des konings al nader voorgeschrevene, formaliteiten.
Wanneer binnen uwe provincie, ten gevolge eener min juiste op-
tting of toepassing van konings besluit van 27 Mei 1830, toela-
igcn van onderwijzers of onderwijzeressen mogen Jiebbcn plaatsge-
ld, als hij bet slot van *s konings tegenwoordig besluit worden be-
eld, zullen alle dezelve, volgens den daarbij uitgcdrukten wil Zijner
jjeslciï, van dc zijde van U Hoog Ed. Gestr. aan herziening of na-
re behandeling behooren te worden onderworpen, en, naar den aard
r bijzondere gevallen, alsnog met de, nu nader kenbaar gewordene,
'ckking en bedoeling van hetzelve besluit in overcenstemmipg be-
eren tc worden gebragt; en zullen, des gevorderd, de voordragtcn
swegens van U Hoog Ed. Gestr. bij het departement van binnen-
idschc zaken worden te gemoet gezien.
K, KON. BESLUIT van den 12 November 1840, bepa-
lende de bijeenroeping eener commissie tot het
onderzoeken der bezwaren betrekkelijk het lager
onderwijs. (St. bl. n". 72).
Wij WILLEM II, enz.
Gelet op de bij ons ingekomen bezwaren betrekkelijk het lager
derwijs, en willende ons tc dien opzigle doen voorlichten door
t gevoelen van bekwame cn der zake kundige mannen.