Boekgegevens
Titel: De Haagsche diligens: zynde bevragt met de liederen die thans gezongen worden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: B. Koene, 1829 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4273
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206348
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De Haagsche diligens: zynde bevragt met de liederen die thans gezongen worden
Vorige scan Volgende scanScanned page
DILIGENS. 33
6.
De Meisje« gaan dan dotr de S»ad,
Om weer wat müoi's te koopeu.
Heel opgelchikt, geen hembt aan 't gat,
Zoo ziet mtn heele hit)pen.
Die halfblaitks M.ii>jcs gaan zoo voort}
En zyn 'er niet eei s om geftcon.
Wat of men fchryft, of zingt, of (preekt.
En of men zoo tie fpot nu lleekt,
Wdt of men fpreekt bis;
Het doet haar gaotsch g:en zeer.
Daarom, gy Jonkmans! ziet wel uit.
Eer dat gy gaat beminnen
Want arders is het fpel verbruid.
Wat moer gy dan beginnen ?
Doorzoekt eerst, wat dat de Meisjes zyn ,
Zyn ze opgepronkt, het is maar fch\n,
Doorzoekt eerst, wat dat de Meisjes iyii.
Geen bembt aan't gat, o l wat een fchyn,
Gaen hembt aan 't gat, bis.
Die pronk, die is maar fchyn.
8.
Daar kwamen eens twee Meisjes aan, '
Iets by etn joo<l te koopen,
Haar kleed bleef zitten, hoort het aan,
En icheurde heel wyt open.
Daar zag men toen fiet Wapen ras ,
Zy Jiadden geen hembt aan op dit pas,
Zy'namen een fpelt, en fpelden 't digt,
V/eg was toen haar Lantaarn •licht.
Weg wa& loen haar, bis.
Toen haar Lantaarn • licbt«
G Ken