Boekgegevens
Titel: De Haagsche diligens: zynde bevragt met de liederen die thans gezongen worden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: B. Koene, 1829 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4273
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206348
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De Haagsche diligens: zynde bevragt met de liederen die thans gezongen worden
Vorige scan Volgende scanScanned page
- DILIGENS. ay
Door het minnen , ligt van zinnen j
Geloof ik was een klant, naar de trant,
'k Heb wel Een en twintig Vrysters gehad.
Ik was dp roem van geheel de Stad,
Maar nu ben ik ze ail' Kwyt,
Ach, wat een fpyt!
Nu ben ik al myn Vrystéri kwyt.
Voor altyd.
s.
De Eerfle was een Loerendraa'fter,
JKn dö Tweede een voorrame Naaifler,'
Zy kon Bordurtn op veel msniere:!;
"Was by de hand, en een Vrouw naar de trant,
De Derde en Vierde die deugden niet »eel.
De Vyfde een bult, de Zesde was fcheel.
De Zevende^wak van gehtwr, »
Dé Achtfle had een lopend Oor,
Met esn Hnls zoo zwart als een Moor;
En zoo goor. '
3.
De Negende gine Pierewaaijen; '
Zy wis haar zaken goed te dra^ljen ;
Men zag haar lopen met gaiifche hopen.
Liep vroeg eo laat, als eeu (let langs de firaaf, ,
De Tiend« geloof my die was ganscb abdret
2y praten niet veel, maar hield tog van een pret.
De Flftie was een hooze Meid;
Die raakte ik ook fpoedig kvv>t,
Toën kreeg ik weder eeu uit iiyd.
Die my vryd.
4-
Die was zoo zeer jaloers van zinnen,
Ik dorst nooit met een ander bet'/nnen,
Ik had een leven, 't was om van te beven,
'k Had geen vetmaak, wnnt zy krabde na raak.
De Dertiende was §oed van mommen voorzien.
Ik tobde de boel, en ik fpeelde ftaag Kien,
Zy vroÉig-ljaar geld, 'k .kon niet verftaan ,
Jik dagt iQop iy nu naar de maan;
: Ds