Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
H A N D L E I D I N Ö
tot den
NEDERLANDSCHEN STIJL.
TWEEDE DEEL.
Vereisciiten van den stijl.
Verband tusfchen de redeneerkunde en de taal.
§ 172. De voorgedragene wetten van het den-
ken moeten bij ieder opftel tot grondflag liggen,
zal de voordragt met naauwkeurigheid bepaald zijn;
met dien verftande echter, dat derzelver ftelfel-
madge vorm in zekere opflellen niet te veel door-
ftrale. Het is veeltijds bevallig, dat, bij eene
oorfpronkelijk flelfelmatige aaneenfchakeling van ge-
dachten , de fchijn er van vermeden wordt, en de
denkbeelden zich natuurlijk en ongedwongen voor-
doen. Dit ongedwongene zal des te volkomener zijn,
hoe naauwkeuriger en hoe meer gegrond op het
wezen der zaak, het oorfpronkelijk ontwerp is.
Uit de vereeniging van een ten uiterfte grondig
doordacht ontwerp en eenen zeer ongedwongen'
vorm in de uitvoering, zal alzoo de fchoonheid van
eenig opftel ontftaan.
S 173. De redeneerkunde kan dus als ontken-
nend grondbeginfel hare regten niet opge-
ven. Niet dat men zich angftig behoeve te maken,
wanneer verfchillende dingen onder eenen alge-
meenen titel gebragt zijn, welke daartoe op het