Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEPvLANDSCHEN STIJL. 73
ken door opvoeding , levenswijze , verkeering,
enz.; wij oordeelen anders in den hartstogtelijken
toeftand en fterke aandoeningen dan bij eene
bedaarde gemoedsgefteldlieid. Zoodanigen invloed
moet men ftreng onderzoeken , en zijn eigen oor-
deel met dat van anderen vergelijken.
cl.') Ten einde de dwalingen af te weren , waarin
wij door de teekenen onzer denkbeelden of de taal
kunnen vervallen, trachte men niet alleen eene
naauwkeurige kennis van de taal in het algemeen
en van zijne moedertaal in het bijzonder te verkrij-
gen, maar men bevlijtige zich ook, om de denk-
beelden zorgvuldig en naauwkeurig te bepalen,
alvorens men zijn oordeel daarop bouwt.
§ 169. Even zoo veelvuldig zijn de dwalingen,
welke uit het verftand zelf ontftaan. Om zich tegen
dezelve te beveiligen, neme men de volgende regels
in acht:
a.) Men oordeele niet voorbarig , maar na rijp
overleg.
b.) Men oordeele niet over eene zaak, zonder
de vereischte voorloopige kundigheden. Zoo oor-
deelt men, b. v. zeer dikwijls verkeerd over na-
tuurverfchynfels, dewijl men derzelver oorzaken
niet kent. Onwetendheid is eene der meest gewone
bronnen van dwaling.
c.) Men onderwerpe zijn oordeel niet blinde-
lings aan het oordeel, aanzien en de gezegden
van anderen, maar behoude ftceds die vrijheid
E 5