Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDERLANDSCHEN STIJL, joi

laat uit te galmen, en zich van den opklimmen-
dcn (fynthetifchen) bewijstrant te bedienen, op-
dat de partij aanvankelijk in het geheel niet wete,
waar het heen wil, op de premisfen niet be-
hoorlijk acht geve, en daardoor in het antwoord
tot valfche premisfen verleid worde, welke de
overwinning gemakkelijk maken; 4.) den hoofd-
grond vermeldt men niet opzettelijk, maar flechts
in het voorbijgaan, opdat de partij er niet toe
kome, om denzelven te onderzoeken.
S »43. De fophist zoekt zorgvuldig achte-
loosheden en toevallige onvolkomenheden in de
voordragt der tegenpartij op , en behandelt dezelve
als zaken van gewigt, op welke het uitzigt en de
beflisfing van de hoofdzaak berust. Hij geeft zich
met voordacht fchijnbaar bloot, opdat de partij
hem daar aangrijpe, waar hij door wederlegging
zijne overmagt zoude kunnen toonen.
§ 144. Hij brengt dikwijls fl:ellingen in verbind
met algemeen bekende dingen, aan welke niemand
twijfelt, bij welke echter de vele bepalingen
en de verwarde fc h ij n gemakkelijk eene zijdë
openlaten, waarbij het valfche, aan het ware gren-
zende , tevens mede influipt.
§ 145. Hij houdt zich op eene aangename en
fijne wijze met nevenbegrippen bezig, en
mengt er onnaauwkeurigheden onder, zonder dat
men het gewaar wordt. Hij zoekt voordeel daar»'
mede te doen, dat hij- alle zijne grondflrellingen