Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
6f5 HANDLEIDING tot den
gebreken en onbepaalde uitdrukkingen in derzel-
ver taal opmerkzaam, en late die verbeteren.
4.) Dan zal de gronddwaling of in eene onwe-
tendheid, of in een vooroordeel ten opzigte van
eenig gedeelte beftaan.
5.) Met opzigt tot deze gronddwaling is het
dan niet genoeg dezelve te wederleggen, maar de
hoofdzaak is den fchijn bloot te leggen, die
dezelve deed geboren worden.
2. Nadere ontwikkeling dezer regelen»
§ 97. Bij twistvragen komt alles daarop aan,
dat men het gefchilpunt (ftatum controverfiae)
eerst juist bepale, opdat er geen misverftand en
woordenftrijd (logomachie) ontdaan.
S 98. Men moet het met zijne partij over de
grondftellingen eens z ij n; want zonder dat is
het niet mogelijk den twist te eindigen.
§ 99. Is de twistvraag verward, zoo moet
men dezelve uit elkander zetten.
§ 100. Wie lachverwekkende en gevaarlijke ge-
volgen uit de ftelling van een ander' trekt, waar-
door de waarheid eener ftelling niet wederlegd,
maar de partij flechts belagchelijk of gehaat ge-
maakt wordt, doet eenen vijandelijken of hatelij-
ken en altijd onredelijken aanval.
§ loi. Wie gevolgen uit eene ftelling afleidt, tot
een ander einde dan om dezelve te wederleggen,
wordt een gevolgtrekkingmaker genoemd.