Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
ï44 .HANDLEIDING tot den^
1.) In een deugdelijk bewijs mag geene gaping,
geen' fprong gevonden worden.
а.) Men mag niets anders bewgzen, dan het-
geen bewezen moet worden; ook niet meer of
minder.
3«) Men mag niets als uitgemaakt onderftellen,
dat zelf nog bewezen moet worden,
4.) Er mag in het bewijs geen cirkel bevat zijn.
5.) In elk bewijs moet het befluit wettig zijn.
§ 89. Met betrekking tot de fchikking der
bewijzen is het volgende op te merken:
I.) Om overtuigend te zijn, moeten de bewijzen
met juistheid en volledigheid in een behoorlijk
verband voorgedragen worden.
a ) Men moet niet met gronden willen b e f t o r-
men, maar langzamerhand de bewijzen ontwikke-
len , en tijd tot nadenken en onderzoek laten.
3.) Men moet eene zaak van verfcheidene
zijden voorfl:ellen, tot men die treft, van welke
zij het beste voorkomt.
4.) Men moet op ware overtuiging, en
niet op overreding werken.
5.) Eerst moeten de waarfchijnlijke punten of
de bewijzen a priori aangevoerd worden, ver-
volgens de getuigenisfen en beflisfende gronden
a posteriori.
б.) Eene andere wijze is, eerst de algemeene
bewijzen voor te ftellen, en dan de bewijzen uit
enkele deekn der zaak te laten volgen.