Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEPvLANDSCHEN STIJL. 39
den verdaat men dezulke, welke alleen voor ons
zclven genoegzaam zijn.
5 70. Wat wij uit fubjective en objective
toereikende gronden voor waar houden, ,dat we-
ten wij; wat ik voor waar houd uit gronden,
die voor mij, maar niet voor ieder voldoende zijn,
da't geloof ik; wanneer ik iets voor waar bou-
de, maar daarbij weet, dat mijne gronden noch
voor mij (fubjectief) noch voor ieder (objectief)
voldoende zijn, zoo meen ik. Wat meer gron-
den voor dan t^egen zich heeft, noemen wij waar-
fc hijnlij k.
§ .71. Een oordeel, dat geen bewijs behoeft,
waarvan men de waarheid inziet, zoodra men
hetzelve verftaat, heet men grondftellin g
(axioma).
§ 72. Die oordeelen, uit welke de waarheid
van een ander oordeel ingezien wordt, heten b e-
wijsgronden (argumenten). Die bewijsgrond,
op welken alle overige berusten, noemt men
hoofdgrond.
§ 73. Alle bewijzen zijn fluitredenen of kun-
nen in dezelven ontbonden worden. De juistheid
van een bewijs berust op de waarheid en juist-
heid der bewijsgronden en derzelver juist verband
niet het gevolg.
C 4
M