Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
48o handleiding tot den
Sedert het jaar 1789 heeft de requestrant, Wij-«
kens nevcnsgaanden ftaat van dienst in onderfchei-
dene militaire betrekkingen den flaat gediend, vijf
wonden bekomen, en tien veldtogten medegemaakt,
tot in den jare achttienhonderd en veerden ; als
wanneer de adresfant zijnes ondanks zijne roem-
rijke loopbaan heeft moeten verlaten; dewijl een
ligchamelijk ongemak, het gevolg van uitgeftane
vermoeijenisfen, hem tot den dienst verder onge-
fchikt maakte.
Vervolgens in zijne tegenwoordige betrekking
te Amsterdam geplaatst, heeft hij tot heden zijnen
post met allen ijver en getrouwheid waargenomen;-
dan zijne van dag tot dag toenemende zwakke
ligchaamsgesteldheid maakt hem zulks langer on-
doenlijk, gelijk zulks uit het gelegalifeerd en ne-
vensgaande declaratoir van den geneesheer M. te
Amfterdam voldoende blijkt. Redenen waarom
dc requestrant, na veertigjarigen dienst, de tien
veldtogten namqjijk medegerekend, vermeent die
weldaden te mogen inroepen, welke Uwe Majes-
teit den braven ambtenaar verleend heeft, namelijk
te worden gepenfioneerd op den voet bij art. 5 en 6
der aangehaalde wet.
Uit de almede hierbij overgelegde flukken blijkt,
dat het tractement vier en twintig honderd gulden
beloopt, zijnde derhalve voor het twee derde zes-
tien honderd gulden.
Opgemelde redenen hebben den requestrant be-