Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
478 HANDLEIDING tot den
deren tot iets bepalen , waartoe hij flechts door
zich zeiven bepaald kan worden.
5 900. Daar het verzoek dus op eene natuur-
lijke wijze als flot van het geheel moet volgen,
zoo is een kunfrige overgang daartoe niet alleen
overtollig, maar zoude ook te gemaakt fchijnen cn
geenen goeden indruk veroorzaken. Het verzoek
zelf moet kort cn bepaald zijn, en niets meer be-
helzen, dan hetgeen reeds in het voorafgegane be-
vat is. Men be fluite voorts, na het verzoek,
eenvoudig met de gewone eerbetuigingen;
§ 901. De hier voorgedragene regels zijn groo-
tendeels ook op v 0 o r d r a g t e n toepasfelijk.
Bij dezen komt het meer dan bij verzoeken er
op aan, om de eifchen cn aanmatigingen, welke
door eene tegenpartij gemaakt worden, te weder-
leggen , en derzelver gronden te ontzenuwen.
Hoofdzakelijk komt het daarbij er op aan, hoe
de tegenpartij de gefchiedkundige omftan-
digheden voorgeflield hebbe; want van deze hangt
dikwijls alles af. Zijn nu de daadzaken door de
tegenpartij niet met de behoorlijke trouw ver-
haald , zijn zij in een valsch licht geplaatst, zijn
er gewigtige omftandigheden uitgelaten of ver-
draaid , zoo is het volflirekt noodzakelijk, het
valfche en gebrekkige des verbaals te too-
nen , en het pogen van partij, om tot dwaling te
vervoeren, in het vlicht te ftellen. Wijdloopige
wederleggingen zijn echter niet noodzak e-