Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
474 HANDLEIDING tot den
eene ftem fchijnt te beftaan, met goed gevolg
aan te grijpen; maar waar de rede het gevoelen
in de uitfpraak van eene ftellige wet geplooid
heeft, daar vindr dit ten nutte maken van de me-
nigvuldigheid der inzigten en gezindheden niet
meer plaats.
5 891. Ondertusfchen moet men toch in bei-
de gevallen beproeven met eene voorftclling door
te dringen. Dan is de eerfte regel, dat de voor-
drager in den toon van zelfvertrouwen op het ge-
wigt zijner gronden fpreke, derzelver zwakheid
niet fchljne te bemerken, maar het ftilzwijgend
aan den uitflag overlate, of men dezelve ontdek-
ken zal of niet. Ten tweede vi^achte hij zich, de
tegenwerpingen in een helder daglicht te plaatfen;
immers, wanneer zij niet zoo nabij liggen, dat men
dezelve niet kan voorbijgaan.
§ 892. Moeten echter de tegenwerpingen mede
in den kring van het voorftel getrokken wor-
den, zoo moeten zij van hare zwakfte zijde ge-
toond, daarentegen de gronden van derzelver over-
tuigendfte zijde voorgefteld worden. Zelfs fchijn-
gronden mogen niet altijd geheel verfmaad, maar
aan dezelve kan een aangename , door fchijn van
nieuwheid verrasfende glans gegeven worden.
§ 893. Bijzonder is het den pleitbezorger,
zelfs naar de ftrengfte zedekunde geoorloofd, in
regtszaken, wanneer deze flechts geene bedriege-
rij ten oogmerk hebben, voor de zwakkere, naar