Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
s'406 handleiding tot der?
algemeene en ligte onderwerpen over, vooral varï
dezulke, welke tot het vak, waarop men zich bij-
zonder wil toeleggen, betrekking hebben; terwijl
men in de keuze der onderwerpen zekere vcrfchei-
denheid kan waarnemen, ten einde zijnen ftijl
daardoor naar den verfchillenden aard der zaken
gepastelijk te leeren afwisfelen.
§ 723. Hiermede kan gepaard gaan het ver-
vaardigen van korte levensbefchrijvingen
of levensfchetfen uit verfchillende fchryvers;
een werk, dat niet moeijelijk en meestal zeer
aangenaam is. Voorts het maken van beoordee-
lingen over het karakter en de hoedanigheden van
grooje mannen, uit voorhanden zijnde levensbe-
fchrij vingen; wijders vergelijkingen van helden,
regenten , ftaatslieden, wetgevers en fehrijvers,
die ten aanzien hunner daden al of niet overeen-
komst hebben. Jllexander, Cefar, Karei de
Groote, Prins Willem I, De Ruiter, Tromp,
Hendrik IV, Sully, Newton, Hugo de Groot,
Erasmus, Vondel, enz.
r § 724. Insgelijks kan men met deze oefeningen
verbinden het maken van meer moeijelijke, name-
lijk zamenhangende en oordeelkundige
uittrekfels, uit verhalende en beoordeelende
gefchriften, maar die in betrekking tot beide voor-
beeldig zijn. Men heeft hierbij het voordcel, dat
men deze uittrekfels zonder meester en vreemde
hnlp kan vervaardigen ; daar men altijd zijnen