Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
s'68 handleiding tot der?
welke de onbedrevene niet inziet, voor dat hij
iets dergelijks, dat gemakkelijk fchijnt, beproeft.
Een voorbeeld van eenen gezwollenen ftijl levert
het volgende op: zijt van mij gegroet, heilige
bakermat! Alles, alles bevat gij, wat eens de
*droomen mijner kindschheid op fier de; alles, waar-
aan het hart in de jongelingsjaren, ach / met zul-
ke warme gevoelens zich hechtte; alles, waaraan
ik nog als grijsaard nooit zonder tranen denke!
Zijt van mij gegroet in gedachten, heilige baker-
mat ! Noemen u mijne lippen, zoo ontvlugt altijd
eene zucht tot u uit de geprangde borst. Door
geene daden 'van ligtzinnigheid of dwaasheid wo'--
den mij uwe poorten gefloten. O, ware het mij
nog flechts als grijsaard vergund, in uwen fchoot,
het levenszatte hoofd ter nimmer eindigende rust
te buigen! Ontdaan van het gezochte en gezwol-
lehe, kan het voorgaande op deze of dergelijke
wijze verbeterd worden: wees van mij gegroet,
heilige vaderflad! die de fchoone droomen des
knaaps, de liefelijke hoop des jongelings , de wee- .
moedige herinneringen des tockomfligen grijsaarde
omvat. — Wees van mij gegroet, heilige vaderßad,
die ik niet zonder zuchten kan noemen ! Door geene
misdaad, geenen mis flap uit uwe muren verban-
nen. — O , kon ik ten minfle mijn vermoeid, grijs'
hoofd eenmaal in uwen fchoot ter ruste nederleggenf
§ 680, Even zoo kan b. v. eene voordragt ge-
makkelykheid, levendigheid eit belang bezitten.