Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
s'380 HANDLEIDING tot der?
tillotson laat in eene leerrede over het
laatfte oordeeU de 'wereld om de ooren des zondaars
kraken^ en campe doet het beleid op fchild-
'ivacht ftaan. Beide beelden voeren iets gerings
met zich, en misfen de werking, die zij moesten
voortbrengen.
d.) Men wachte zich desgelijks, twee of meer
verfchillende metaphers te gelijker tijd te bezi-
gen , en daardoor de eenheid te verbreken. Zulk
eene vermenging van meraphers vindt men zelfs
bij anderzins goeJe fehrijvers. Zoo zegt Addi-
son: er is geen gezigtpunt^ %v aar uit men de
inenfehelijke natuur kan befchouwen^ hetwelk niet
genoegzaam is07n de zaden van trótsehheid uit
te do oven. Twee verfchillende beelden, van
welke geen door de verbeelding duidelijk kan be-
vat, worden; dewijl het even ongepast is, van
een gezigtpunt te zeggen, dat het uitdooft^ als
van zaden ^ dat zij uitgedoofd yjorden. ^
Men drage ook zorg, geene overdragtelijke
en eigenlijke uitdrukkingen onder een te mengen.
Zoo Iaat pope, in zijne vertaling van de Odysfea,
Penelope, treurende om het vertrek van haren
zoon Telemachus, het volgende zeggen; ook de
andere zuil van den ßaat is weg, en dat zonder
affeheid van mi] te nemen ^ zonder mijne
toef temming te vragen. Hier komt Tele-
machus in herzelfde oogeublik als eene zuil en
a's een perfoon vpor.