Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEHLANDSCMEN STIJL, 355
§ 657. Tot de tropen, welke de fierlijkheid
der rede bevorderen, kan men brengen de over-
natning (metonymia); de vervanging (fynec-
doche) en de overdragt (raetaphora).
ï. Dc svernaming^ (metonymia).
§ 658. Deze troop hcefc haren grond in ver-
wisfeling van begrippen, welke eenige naauwe
onderlinge betrekking tot elkander hebben cn in
een natuurliik, gemakkelijk te ontdekken verband
ftaan. Zy heeft plaats:
a) wanneer de oorzaak voor het uit werk fel
gefteld wordt en omgekeerd , als: /lij leest in
Wagenaar ^ Staart^ \0Qxinde fchriften yan
Wagenaar y Staart. Zoo ook: bloefem^ vruchten
en bloemen komen te gdijk voort ^ en htt ge-
heele jaar vertornt zich in eene fraai je 'wan*
ordc^ voor: de voortbrcngjelen aller jaargetijden
vertoonen zich^ enz. Grijsheid^ gr ij ze ha-
ren^ voor ouderdom; lommer ^ voor lommer-
met dat van eene andere taal verwlsaelc. /co geldt. b. v.
in bet fransch dc uitdnikl^ing la pointff du jour a^s eeu«
goeds troop; maar dc Nederlander kan dit niet even zoo,
door de de punt oï spits pan den dag iiildrukken. Ook
behoort tot let Iropisclie spraakgebruik , dat elke troop met
den tijdgeest der natie en met de bij hetzelve in gebruik
zijnde verbinding van gedachten overecnstemmc. Zoo zegt
men: hi heejt een onbeschaamd poorhoojd^ maar niet:
h^' heeft ten hloeijend poorhoojd,
z