Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
ïSEai----------
324 HANDLEIDING TOT DEI^^
eene fterke en bondige wijze voor te ftellen. Oi»
dit te doen, wordt verei&cin, dat men gevoelig zij,
voor al wat groot, edel cn verheven is; verder, .
eene grondige kennis hebbe van dc zaken , welke
men verhandelt, en eene zekere mate van mensch-
kunde , om te weten hoe men de voordragt moet
inrigten, ten einde het hart te treffen.
Eerftt Hoofdftuk.
Keus en verbinding der woorden.
5 594' Tßr bevordering van de kracht of
den nadruk is het noodig, zich zorgvuldig te.
onthouden van alle lage en platte woorden en on-
edele fpreekwijzen, en in het algemeen van al het
gene, wat in gedachten en klank de verbeeldings-
kracht en het gevoel voor zedelijkheid en wel-
vocgelijkheid kan beleedigen.
§ 595' Men kan zeker niet in elk fchriftclijk
opftel alle beelden vermijden, welke het zedelijk
gevoel of den fijnen fmaak voor uiterlijke welvoe-
gelijkhcid kwetfen, aangezien fomtijds de aard
der zaken zeiven aanleiding daartoe geeft, l>. v.
bij de getrouwe voorftelling van gefchiedkundige
daadzaken. Alleen dan, wanneer de ftyl voorftel-
lingen van deze foort zonder noodzakelijkheid
opwekt, niet het mogelijke in het werk ftelt, om
■ het aanftootelijke, zoo veel het kan gefehieden,
weg te nemen, bcfchuldigt men denzelven te regt
van gebrek aan waardigheid. Onedele uitdruk-