Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDERLANDSCHEN STIJL. 295
L. P. D. — Laus plurima Deo I aan God zij de
hoogjte lof.
L. S. — Loco figilli, in plaats van zegel.
M. o/"Mag. of Mr. — Magister, metster.
M. en Misc. — Misce, meng, of raisceatur, er
•worde gemengd {op geneeskundige recepten).
Mand. o/Mandt. — Mandatum, bevel, verordening.
M'f — Mademoiselle, jufvrouw, ju§er.
Mme — Madame , Mevrouw.
Mgr. Monfeigneur.
M. m. pr. — Manu mea propria, met eigen hand,
eigenhandig.
M"". Monfieur, mijn heer.
Mrs. Mesfieurs , mijne heeren.
M. S. C. — Mandatum fine claufula, een bevel
zonder voorbehouding,
Mut. mut. — Mutatis mutandis, met de noodige
verandering,
N". Numero, in of naar het getaU
NB. o/N. B. — Nota bene, let wel
N. D. — Notre Dame, dt maagd Maria.
N. L. — Non liquet, het blijkt niet.
N. M. — Nova moneta, nieuwe munt.
N. N. — Nomen nescio, den naam weet ik niet.
N. T. of Nov. Test. — Novum Testamentum,
het nieuwe testament, het nieuwe verbond,
O. A. D. G. — Omnia ad Dei gloriam, alles ter
eere van God.
O. P. N. — Ora pro nobis, bid voor ons.
T 4