Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEPvLANDSCHEN STIJL. 31
merken toevoegt, zoo vergroot men deszelfs ^ in-
houd, en vermindert deszelfs omvang. Inhoud
en omvang van een denkbeeld zijn derhalve in
eene omgekeerde verhouding.
§ 24. Het denkbeeld, dat een ander denk-
beeld onder zich bevat, wordt met betrekking
tot dit laatfte het hoogere; het denkbeeld, dat
onder een ander begrepen is, het lagere ge-
noemd. Huis is met betrekking tot woonhuis een
hooger, daarentegen het laatfte met betrekking tot
het eerfte een lager denkbeeld.
§ 25. Het hoogere denkbeeld noemt men met
betrekking tot het lagere het geflacht, het laat-
fte met betrekking tot het eerfte de foort. Bij
het afdeelen in geflachten en foorten, rigt men zich
naar . de ondeeligen (individuen), wordende een
denkbeeld, dat alle zulke enkele dingen bevat,
welke onderling met elkander overeenkomen,
eene foort, en dat, hetwelk alle foorten, die
overeenkomst met elkander hebben, in zich ver-
eenigt, een geflacht genoemd. Wijders noemt
men het geflacht, waarin eenig ,ander geflacht
ondergefchikt is, naastaangeiegen. geflacht\
terwijl het verafgelegen geflaqfjt datgene is,
waartusfchen nog antjere, gelegen zün.rjv.;,-, i • il
5. Afyetrokkini eti )ihmetiïaticndè •
denkbeelden.
% 26. De handelwijze om uit ecH denkbeeld