Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEHLANDSCHEN" STIJL. 245
Asnnemen, i.) oritvan-
gen; 2.) op zich ne-
men.
Aanfpraak, i.) redevoe-
ring; 2.) eiich', 3.)
bezoek.
•Aanftaan , i.') ergens te-
gen leunen-, 2.) niet
fluiten; 'i,') behagen.
Aanftellen, i.) tegen-
kanten; 2,) in bedie-
ning flellen; 3.) ge-
dragen.
Aantrekken, i.)
doen; 2.) aanrukken;
3.) naar zich trekken^
4.) verleiden; 5.) in
het belang flellen.
Aanzien, i.) befchou-
wen; a.) vermogen;
3.) ten aanzien, ir,
vergelijking.
Aard, i.) aarde; ï.)
inborst; 3,) natuur,
foort, geHacht.
Aarden, 1.) gelijken;
2.) tieren; 3.) van
aarde.
Acht®«., I.) fchmen;
Q
2.) opletten ; .3.) mce-
nen; 4.) in vaarde
houden, eerbiedigen.
Afgaan, i.) afkomen;
afy/ijken ont-
aarden : 4.) verbre-
ken; 5.) vertrekken;
6.) uit eene bediening
treden; 7.) vermin-
deren; 8.) ier hand
flaan.
Afgewend, i.) ontleerd ;
2.) verhoed»
Afleggen , i.) verwijderd
zijn ,2.) zijh kleeren
iiittrekken; 3.) kwij-
ten.
Afzien, i.) afkeer-, 2.)
het gezigt afwenden;
3.) verlaten.
Arm, 1.) een deel des
Ugchaams^ 2.) niet
rijk.
Begaan, 1.) plegett; 2.)
bewogen; 3.) betre-
den.
Begeven i»), verlaten,
z.) ergens aan begin-
nen; 3.) uitdeeleru
3
m