Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDEpvLANDSCHEN STIJL. 231
Stijl, ßut, post; ook ma-
nier, fchrijfiwijze. —
Onderfcheiden van
ftell, in: een fteile
berg.
Strijd.
Tapijt.
Tijd.
Tijger.
Tijk.
Tijtn.
Trijn, vrouwennaam. —
Onderfcheiden van
trein , in: nu volgde
een groote trein.
Twijfelen.
Twiig.
Twijnen.
Verlijden, voorbijgaan,
nog overig in verleden.
Onderfcheiden van ver-
leiden , ten kwade voe-
ren.
Vermijden.
Vijf.
Vijg.
Vijl, zeker werktuig. —
Onderfcheiden van vei-
le , zekere plant, — en
P
veil, in : iets veil heb-
ben.
Vijlen, afvijlen, zoo
als men metalen, enz.
doet. — Onderfcheiden
yan veilen, opveilen,
bij yerkoopingen.
Vijver.
Vijzel.
V\v]txi, fchikken. —On-
derjcheiden van vlei-
jen, vleijende taal
fpreken.
Vlijm
Vlijt.
Vrij.
Vrolijk.
Wederzijds.
Wij 5 in : wij gaan. —
Onderfcheiden yan
wei, van melk.
Wijden, gebruikelijkvoor
verwijden, wijder ma-
ken en heiligen. —
Onderfcheiden yan
weiden, in de weide
doen gaan.
Wijf.
Wijl.