Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NEDERLANDSCHEN STIJL, ipr
§ 479. Ei heeft plaats: i.) in gelykvl. werk-
woorden, als: arbeiden, arbeidde, gearbeid; zoo
ook reizen, zeilen, enz. Hiervan zijn uitgezon-
derd de werkwoorden , gijzelen, kastijden, kwij-
nen , mijmeren, mijden, polijsten en eenige ande-
re, die hoewel gelijkvloeijend, met ij moeten
gcfchreven worden; even zoo zijn de werkwoorden
uitgezonderd, die uit een zelfftandig naamwoord,
hetwelk met ij gefchrevcn wordt, zijn zamcnge-
fteld, als: bedijken van dijk, fpijzai van fpijs,
enz. 2.) In woorden, welke uit het fransch over-
genomen zijn, en in die taal den klemtoon op ai,
ée, of i ontvangen, alsmede in die , welke bij
ons in teit eindigen, en van latijnfclie woorden
op tas (fr. té) uitgaande ontleend zijn , als : fon-
tein (fontaine), kapitein (capitaine), maiejleit
(majeftas , majefté), enz. Hiervan is dozijn
(douzaine) uitgezonderd. 3.) In alle woorden op
heid, lei en flein uitgaande , als: waarheid, veler-
lei, IJsfelftein, enz.
Lyst Tan woorden, welke met ij moeien gCBcKre*cn
worden, eo onder de boTeuitaande regeU niet
begrepen lijn.
Abtdij. Anijs.
Afgrijsfelijk. Artfenij.
Alleenlijk, en voorts al- Azijn.
Ie woorden in lijk uit- Begijn.
gaande. Bij, honigbij, — m bij,
Andijvie. in: h'i]dedeur. — O«*
P a