Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
iiz IIANDLEID ING tot den
einde ie brengen, voor, ah de winter voorhij
was.
Derde hoofdftuk.
Spelling.
»
Algemeene befchouwing.
5457. Spelling of fpelkundc is de
leer, om ccne taal naauwkeirrig volgens de aan-
genomene wetten te fchrijven.
S 458. Wanneer wij fchrijven, zoo hebben
wij ten oogmerk, om de hoorbare geluiden
en klanken, als teekens onzer gedachten voor het
oog aan fc hou wel ijk te maken. Hieruit volgt,
dat wij in ons fchrijven flechts die klanken voor-
ftellen moeten, welke in de uitfpraak gehoord
worden.
S 459. De uitfpraak is echter zelden, zelfs
bij het befchaafdfte gedeelte eens volks, geheel
zuiver en bepaald; daarom moet men bij dezelve
tevens acht geven op de afleiding, het fpraak-
gebruik en de welluidendheid.
§ 460. De eerfte regel in dezen is derhalve:
rigt u in het fchrijven naar de zuiverfte en be-
fchaafdfte uitfpraak, met in achtneming van
de afleiding, het gebruik en de welluidendheid.
S 461. Tot het fchrijven van echt nederland-
fche woorden bedient men zich van de volgende
figuren of letters: A, B, D, E, F, G,