Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
nedepvlandschen stijl. 187
verfcheidenheid, duidelijkheid en nadruk der re-
de, daarvan fomtijds afwijken. Tot het laatstge-
melde oogmerk z'im inzonderheid die omzet-
tingen dienstig, waarbij eenig ondergefchikt
deel der rede, op hetwelk men de opmerkzaam-
heid bij voorkeur wil gevestigd hebben, in de
plaats van het onderwerp en dus in den aanvang
der rede gefield wordt. Ter opheldering diene
de navolgende gewone woordfchikking: ik ben
gisteren met mijnen zoon naar den Haag gereden,
welke, naar mate men de bepalingen met mijnen
zoon, gisteren, naar den Haag of gereden voor
aan plaats, andere hoofddenkbeelden verkrijgt.
§ 424. In de plaats van het onderwerp kun-
nen gefield worden onbepaalde wijzen, gezegden,
voorwerpen en bepalingen van werkwoorden, als;
gruwen derhalve deed dit ftuk allen, dio eenig
gevoel van braafheid hadden. D i k w ij l s heb ik u
gewaarfchuy/d. Mag tig zijn zij, die ons vervol-
gen. Den na arftigen valt welvaart ten deel.
Mij nen besten fe hat heb ik verloren. Op die
wij ze kan alles nog te regt komen, enz.
§ 425. Ook by de v r a a g s vv ij z e voordragt
kan fomwijlen met vrucht eene afwijking van de
gewone woordfchikking plaats hebben. Zoo kan
men b. v. het zeggen: zoude ik hem gehoorzamen?
op tweederlei wijze veranderen, als: ik zoude
hem gehoorzamen? cn hem zoude ik gehoorza-
men ? Hierbij heeft men niet [ zelden vrijheid
nQ