Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
nedepvlandschen stijl. 147
vang, enz. De overige zijn affcli eidbaar en
worden diicwijls aciiter de woorden geplaatst,
als: hij ging de flad door. — Hij nam het ge-
fchenk aan.
§ 321. Somtijds is het voorzetfel bij hetzelf-
de werkwoord affcheidbaar en onaffcheid-
baar; doch alsdan ligt het verfchil in de betee-
kenis, als:
o n a f f c h e i d b a a r. affcheidbaar,.
onderhouden (onderfteu- onder houden (beletten
nen), om boven te komen),
overwegen (overdenken^, over wegen (zwaarder
zijn),
(betalen), voldoen (vullen), enz.
§ 322. De voorzetfels, met de daarbij gevoeg-
de naamwoorden, kunnen als bijwoorden aange-
merkt worden, als: hij fpreekt op eene overtui-
gende wijze. Op, het voorzetfel, met de naam-
woorden eene overtuigende wijze, toont aan hoe
er gefproken wordt.
I. Voegwoorden.
§ 323. De voegwoorden dienen om de
deelen van een voordel en om de voorfiellen zei-
ven zamen te verbinden, en zijn; en, ook, wanty
alhoewel, doch, opdat, hoe, noch, gelijk, als,
enz. (zie voor het overige § 203).
K. Tusfchenwerpfels.
§ 324. De tusfchenwerpfels worden ge-
K 2