Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
14(5 handleiding TOT DEN
Icheiden ; liet eerfte flaat altijd op tijd, het tweede
kan dikwyls verwisfeld worden met immers of
ten minfte , als: de mensch behoorde alt ij d
(re allen tijde) zijne pliglen te betrachten. — Ik
altoos (immers, ten minfte) heb het nia gezegd.
§ 317. Sommige bijwoorden hebben de trap-
pen van vergelijking, als: befiendig, beftendigcr,
bef endigst; wel, beter, best, enz.
H. Voorzetfels.
S 318. De voorzetfels hebben op zich
zelve geene bepaalde beteekenis, maar drukken
zekere betrekkingen en omftandigheden der dingen
en derzelver wederkeerigen invloed uit, a's: voor,
achter, enz.
§ 319. De voorzetfels hebben bijna altijd een
naamwoord achter zich, waarmede zij zekere b e-
paling uitdrukken. De voornaamfte voorzetfels
zijn tc voren (§189.) reeds opgegeven; dan be-
halve die zijn er nog cenige, welke, bij zelfftan-
dige naamwoorden of bij werkwoorden gevoegd ,
aan deze woorden eene andere beteekenis geven,
als: kundig, onkundig ; gaan, begaan, uilgaan,
enz.
§ 3Ü0. De voorzetfels zijn onaffcheidbaar
of affcheidbaar ; by de eerfte valt de klemtoon
op het werkwoord, en bij de tweede op het voor-
zetfel. De onaffcheidbare voorzetfels zijn
be, ge, her, mis, on, ont, ver, wan, als: ik ont~