Boekgegevens
Titel: Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Auteur: Beijer, Johan Coenraad
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1827
3e dr; 1e uitg.: 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1145 D 16
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206325
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stelvaardigheid, Nederlands, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot den Nederlandschen stijl, of Volledige aanwijzing ter vervaardiging van schriftelijke opstellen: voor Nederlanders, zoo in het algemeen als in beroepsbetrekkingen en gegrond op de redeneerkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
124 HANDLEIDING tot den
Er is (lechts één werkwoord, dat het beftaan
der dingen aanduidt, het woordje wezen of zijn,
dat men reeds als koppelwoord heeft leeren ken-
nen, alle overige werkwoorden zijn eene uit-
drukking van het gewijzigd beftaan
der dingen, b. v. de man werkt, zoo veel be-
teekenende als: de man is werkende.
S 285. Naardien deze /aatfte werkwoorden zekere
hoedanigheid influiten, zoo kunnen zij in bijvoege-
lijke naamwoorden vervormd worden, welke alsdan
deelwoorden heeten en in tegenwoordige
en verledene onderfcheiden worden, zoo heeft
men b. v. van lezen, lezende, tegenwoordig,
en gelezen verleden deelwoord.
286. De wijziging van het beftaan van eenig
wezen, door het werkwoord uitgedrukt, vordert
iets , waarop de werking overgaat, en dat dus
lijdend is, of de handeling bepaalt zich bij het
wezen, dat dezelve verrigt. Hierdoor verkrijgt
men twee hoofdfoorten van werkwoorden; be-
drijvende en onzijdige.
§ 287. Een bedrijvend werkwoord drukt
de wijziging van het beftaan zoodanig uit, dat
daarbij een voorwerp vereischt wordt, b. v. de
vorst regeert het land, dat is, de vorst is
regerende, cn het voorwerp, dat geregeerd wordt,
is het land.
S 288. Een onzijdig werkwoord drukt de
wijziging van het beftaan uit, zonder eenig