Boekgegevens
Titel: Bijbelsche geschiedenissen, in leeslesjes voor kinderen
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1822
4e dr
Opmerking: Eerder verschenen o.d.t.: Bijbelsche geschiedenissen voor eerstbeginnende leerlingen. - 1817
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5685
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206299
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijbelsche geschiedenissen, in leeslesjes voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 8o )
jEZüslijdenen dood;
In lioc veel achting jezus ook bij het volk
Jloiid , er waren ook'eenigen, aan welke zijne
leeringen niet behaagden, en die hem zeer vijan-
dig waren. De Joodfche priesters waren op
het in acht nemen der Joodfche plegtighelen
zeer gefteld, en dat diende ook tot hun bellaan
en voordeel. Zij waren geveinsd en hoogmoe-
dig , zonder eerbied voor oon cn zonder lief-
de tot de menfchen. Jezus, daarentegen, was
nederig en opregt, en prees de liefde tot gou
en de weldadige menfchenlitfde boven de ui-
terlijke plegtigheden aan. Hij beflrafte ook z>o
wel de bedorvenheid in die aanzienlijke perfo-
nen, als in de mindere. Konde jezus dan
wel aan de farizeërs en priesters behagen? —
(Waarom behaagde hiß hun niet?)
Hoe meer jezu3 door het volk^ bemind en
geprezen werd, hoe meer de aanzienlijke pries-
ters en farizeën hem benijdden en lasterden;
Toen nu jezus en zijne apostelen weder te
Jeruzalem waren, en hij voortging in zijne
leer en beftraffitigen, werden zij vol nijd. Zij
bragten het zoo ver bij den Joodfchen Raad,
dat deze befloot, om jezue gevangen te nv^-
men. {Waardoor werden de pHestern en fari»
zeers zoo zeer in nijd tegen jezus ontßoken? —
Waartoe hragt hen die nijd ? )
Jezus was toen met zijne 12 Apostelen,
des donderdags avonds, te Jeruzalem^ verga-
derd, om het paaschmaal te eten. Onder de
ayjostelen was Judas Iskariot, een geldgie-
rig mejisch, die den Raad wel zoude wilïca
hel.