Boekgegevens
Titel: Bijbelsche geschiedenissen, in leeslesjes voor kinderen
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1822
4e dr
Opmerking: Eerder verschenen o.d.t.: Bijbelsche geschiedenissen voor eerstbeginnende leerlingen. - 1817
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5685
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206299
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bijbelsche geschiedenissen, in leeslesjes voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
(70)
heerfchappij Jer RomeineTi ^r^weest warrn.
God had de "keunis en de vereeritig v^n
éénigen waren «od, voornamelijk onder de
Joden, bewaard. Hunne neiging *ot afgoderij
was verdwenen. Hunne uiterlijke plegti^he'len
van den godsdienst hadden gediend, om hen
van de zinnelijke plegtigheden der afgoderij
hunner naburen terug te houien. Thans, nu
de zucht tot afgoderij in hen onderdrukL was ,
waren hun deze plegtigheden minder noo'iza •
kelijk. (f^'aartoe u>aren de uiterlijke plegti^hc"
den van den Joodjehen' godsdienst gejchikt ge^
weest ? — Waren die plegtigheden daartoe nog
noodigl — fVaarom niet'l)
De uiterlijke plegtigheden in den godsdienst
begonnen den joden zelfs fchadelijk te worden.
Zij meenden, dat zij alleen^ door vn.-iien, rei-
nigen, olFcrgaven en tienden te geven, aan
oods wet voldeden en god beUiagdon. Was
het dan nict noodig , dat de uiitrlijke plegtig-
heden van den Joodfchen godsdienst afgefchaft
wierden? [fVaarorn was dat noodigl}
Op het voorregt, om, boven andere volken,
de kennis cn de vereering van ood te bezit-
ten, waren de [oden trotsch geworden; terwijl
zij met verachting op andere volken neerzagen.
Zij waanden, dat god hen ook alleen y of bo^
ven andere volken, moest beminnen eii befchor-
ra5n. Om aon in hnn hart te vereeren en,
uit liefde tot Hem, hunne medemenfchen te
beminnen en wel te doen, hieraan dachten zij
weinig. (Hoedanig waren nu de denkbeelden
én zeden der Joden 1)
De Heidenfche godsdienst was, zoo bij d©
Cric-