Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
86 DE Al. TE VRIENDLYKE.
ne boodfchap te doen, waarvan ik wel ontßageft
v/enschce te wezen. Aanftonds is hy gereed, om
die boodfchap van u over te nemen. Zyn weg, zegt
hy, voert hem genregzaam daar voor by ; offchoon
dit zoo niet is. Ku kwelt hy u zoo iang, tot dat gy
hem der. last opdraagt. Maar , zoo haast hy u ver-
laat, ontmoeten hem eenige bekenden, die hem over-
halen , om een fpeeltogtje met hen te doen. Dit kan
hy hen niet atftaan. En diesvolgen.'s blyft uwe last-
geving onuitgevoerd. Door die zelfde al te groote in-
fchiklyklieid laat hy zich zelfs tot ondeugden en bui-
tenfporigheden verleiden , fchoon hy anders dr artoe
riet overhelt. Hy weet, dat hy niet veel fterken drank
verdragen kan. Maar men noodigt hem immers zoo
fterk , en hy vreest, . cnbeleeld te wezen , als hy
zich geen roes drinkt, die hem, den volgenden
dag , krank , en onbekwaam tot zyne bezigheden ,
maakt.
Zyne vriendlykheid laat zich door niets verftoren.
Hy lacht by de on\ erfchilligfte, en hy lacht ook
by de treurigfte en veidriedykfte , dingen. Met de
vrolykfle mienen der wereld \'erhaalt hy een ongeluk,
dat zynen broeder, zyne zutter, of hem zeiven, be-
jegend is. Al houdt men hem voor den gek, hy lacht
geftadig voord. Al zegt men hem de onaangenaamfte
dingen, en onderhoudt men hem , in de hardfte uit-
drukkingen , over zyn woord verbreken, zyne ligt-
zinnigheid, en zyn tegenfpreken van zich zeiven,
hy lacht voord. O, gy gelieft te hoertenï Dat is
alles, wat hy uitbrengt. Geen woord tot zyne ver-
dediging , of verontfchuldiging — zou men niet
denken . roept hy uit, als men ophoudt te fpreken;
zou men niet denken, dat gy dit in ernst meen-
de t , en werklyk boos waart ?
Met een mensch, die zulk een beftaan aangenomen
heeft, moet men zoo weinig, als mooglyk is, te
doen hebben. Hec is genoeg, zoo als een beroemde
fchiy-