Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
64 DE KOMPLIMENTMAKE R.
zal het iemand niet gemaklyk vergeven, als dezelve
hem over de hooglle en laagfte plaats, óver het
voor en achter gaan, en meer diergelyke dingen,
geene komplimenten maa];t, of hem by eene regt-
flreekfche aanlpraak, niet met zynen geheelen titel
bej^roet. De mnn verFtaat zyne wereld niet! zegt
hy; wanneer zyn vriend, op eenen brief aan liem ,
het Weledel. Weledel gejirenge. Weleerwaarde
of Hoogeerwaarde vergeten heeift, en daar binnen
ook eene Franfche eenvoudigheid heerscht. Hy zou
het zynen eigenen kinderen euvel afnemen; zoo zy
hem, in hunne brieven, den titel van lieven vader
gaven.
In den grond der zaak is de komplimentmakér een
onfchadelyk, maar lastig fchepfel, die het gezelhge
leven, voor zich zeiven en anderen, zeer zuur
maakt. Eene géftrenge opvoeding, een fchaarfche
omgang met de groote wereld, en een bekrompen
verftand, zyn de bronnen van dit kwaad, dat intus-
fchen thands daaglyks al zeldzamer wordt, daar eene
vryere en min gedwongene levenstrant onder alle ftan-
den al meer en meer veld wint. '""
XII.
DE V L E IJ E R,
Een zeldzaam flag van menfchen. Alles te piyzen,
waarvan hy flechts vermoeden kan, dat anderen het
geem geprezen willen hebben, dit is de voornaamfte
bezigheid des vleijers, waarop hy regt eigenlyk ftu-
deert, of de waarheid daaronder lyde, dan niet; dit
bekommert hem weinig. Even zoo weinig we.n hy
ook, in de meeste gevallen, waarom by zyne lof-
fpra-