Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
84 DE DRIESTE EN NEUSWYZE.
eiek meende te lagchen. Twee heerlyke groote ker-
fen, die ik, voor de eerfte maal,, aan een jong
boompje had, en welken ik, tot dus ver, zorgvul-
dig gefpaard had, om ze recht ryp te laten worden,
haalde hy,. voor myne oogen, van onder het net,
waarmee ze overdekt waren, weg, en at hy op.
Gisteren was hy voor de eerfte maal met zyne ou-
ders by den Heer L ♦ * die een zeer waardig man,
maar zekerlyk niets minder dan fchoon is* )) Acht
wat hebt gy magere beenenI" riep hy hem aan-
ftonds toe, zoo dra hy hem zag. En welke poknam
den.' De Heer L * ♦ ergerde zich, zoo als namur-
lyk is , over zulk e^n onverwacht kompliment. De
ouders verfclirikten, en verweten hem zyne ondeu-
gendheid, waai'door bykans het gehoegen van het
ganfche gezelfcliap geftoord werd. Frans bekreim-
de zich, intusfchen, weinig hier aan. Naauwlyks
had hy eene Mevi'ouw van L * * hooren fpreken, of
hy fclireeuwde uit: Ach! die daar — terwyl hy
met den vinger op haar wees — die kan de R niet
uit fpreken. En ftraks begon hy hare uitfpraak (^L in
plaats van R) vry komiek naar te apen. In plaats
van hem ernftig daarover te beftraffen, lagchten eeni-
ge perfonen om dezen hoogstbeleedigenden neuswyzen
inval. En meer was er niet noodig, om hem tot ver-
dere onbetaamlykheden aan te vuren. Welhaast kit-
telde hy nu. iemand zoo, dat dezelve het luid uit-
fchreeuwen moest. Eenen anderen gaf hy eenen flag
op den rug, en dan hield hy zich heel onnoozel,
als of hy niet-s gedaan had. Den ouden eerwaardigen
•p ♦ » gi-eep heimlyk in den zak, om de fnuifdoos
daaruit te nemen, en weg te fteken. Toen de vrouw
van den huize eens uit de kamer ging, kroop hy on-
gemerkt achter de deur, en toen zy wederom binnen
trad, fprong hy, met zulk een onftuimig gefchreeuw,-
te voorfchyn, dat zy van fchrik bykans eene kost-
bare porceleine kom, die zy in de hand hield, had
C 11 la-