Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
30 OiE BALDADIGE.
pen moet. Zy wagen het wel niet ligt, de handen
aan iemand te liaan ; maar dies te losbandiger gebnii-
ken zy hunne tongen. Vreemdelingen , byzonderlyk
wanneer zy eenigzins oudmodisch gekleed zyn, zoo
als, by voorbeeld, dorppredikanten , voorzangers,
katechizeermeesturs , oude lieden enz. ftaan bo\ en an-
deren bloot voor hunne fpottemy en guiteryen. En te
beklagen zyn alle ordelyke vrouwen , die hen ont-
moeten, — Vinden zy onderweg rustbanken, dan plak-
ken zy zich daarop neder, om de voorb\ gangers ,
regt op hun gemak , te befchouwen , en hen aller-
lei verdriet te kunnen aandoen. Hier, meer Irggende,
dan zittende , brullen zy , by aldien geene onbetaam-
lyke , ten minfte fmaaklooze , liederen. En heeft al
eens een goed gedicht het ongeluk, om onder hen te
vervallen; dan wordt het evenwel, door hunnen zang-
toon , affchuuwlyk gemaakt.
Niet minder zoekt de ruwe jongeling in koffy-
hiiizen, en op andere publieke plaatlèn, aller oogen
op zich te vestigen , en , gelyk als hy meent, te
fchitteren.. .. Een borrel! of een glas wyn! roept
hy by zyn eerfte binnenkomen den knecht toe. Eri
wordt hy niet fpoedig geholpen , dan begint hy te
vloeken, eh te fchelden. Zoo haast hy nu het ge-
vraagde heeft, plant hy zich daarmee aan eene tafel,
zonder hen , die daar aan zitten , te groeten ; of-
fchoon hy zich misfchien oogenbliklyk in hunne ge-
fprekken mengt, by aldien hy niet juist een van zy-
ne kameraden vindt, met wien hy zich, op zynen
trant, onderhouden kan. PJotslings ryst hy op , en
loopt in de overige kamers rond, om te zien, wie
daar is. Vindt hy eene fpedtafel, dan plaatst hy zich
daai- nevens, en veroorlooft zich , in zyne fierlyke
taal, wier geliefde uitdrukkingen anderen naauwlyks
verftaan, uitroeping op uitroeping, als iemand in
het omberfpel gelukkig inkoopt, of een fchoon fpel
verloren wordt. Altyd wil hy raad geven , hoe men
fpe-