Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
14=* AFBEELDING
ver, daartoe nog in het geheel geene gelegenheid ge^
had. En al had dezelve zich ook aangeboden, zoo
2ouden zyne ouders echter bezvvaarlyk zelfs de ge-
ringfte kosten hebben willen doen , om hunnen zoon
die befchaving te verfchaifen, naai-dien zy dezelve
onnoodig rekenden voor den ftand, welken hy, even
ils zyn vader, bekleeden moest. Hy was zoo even
op de Univerfiteit veifchenen; zyn zedelyk gedrag
Was onberispelyk; zyrie liefde voor de weténfchap*
pen, en" zyne-.aanhoudende vlyt, gaven de fchoon*
fte verwachtiTigen; en het was enkel een gebrek aan
welgemarücrdheid, dat Öikwjls de rust en te vreden-
heid verftoorde , die de-bewustheid , van zyne plig-
ten vervuld te hebben, hem opleverde. Hy wist zich,
in geen gezelfchap , naar behooren te gedragen, en
vond zich , uit dien hoofde , dikwyls te rug gezet *
ja zelfs wel befpot,
Zyn ligchaam was ^ van nature , niet flecht ge»
vormd; maar een geheel verzuim van befchaving maak-
te hem onbehulpzaam en handeloos. Aristo^< be-
lloot nu, geen tyd en geene kosten , te ontzien, on»
het verzuimde , daar.het nog'tyd was, in te halen.
Hy was wel niet ryk; maar door fpaarzaamheid in
meenige andere dingen , en door opofiering van mee-
nig genoegen , vond hy zich in ftaat, om de uitga-
ve goed tc maken , die de aanleering der zoogenoem-
de vrye en fchoone kunften hem veroorzaakte. Deze
werkzaamheid paarde hy met zyne ernlh'ge ftudien,
zonder dat evenwel de laatften eenigzins daar ondeir
leden. Hy leerde paardryden, fchermen, en danfenj
eigenlyk niet om den wil van die kiuiften zeiven,
maar flechts om zyn ligchaam te verfterken , en te
oefenen , om het lenig en buigzaam, en zich zeiven
bevallige houdingen , en bewegingen , van het gan-
fche ligchaam , en deszelfs byzondere deelen, han-
den en voeten , eigen te maken ; als waar toe ge-
zegde kunften de beste aanleiding geven. En welhaast
zag