Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
104 »E BYGELOOVIGE.
fchoon men zelfs in de groote wereld nog veel meer
bygeloo\'igen vindt, dan meenig een wel denkt.
De bygeloovige fchi-yft alles , wat hem bejegent,
toe aan bovennatuurlyke en onzigtbare oorzaken. Hy
wordt ziek ; daar aan beeft, inmsfchen , zyne on-
matigheid en onvoorzigtigheid geene fchuld. Neen !
hy dacht het reeds aanftonds wel, dat die oude vrouw
hem iets aandoen zou , welke hy onlangs zoo uitlach-
te , toen zy op de ftraat neei-viel, en een pot brak,
zy zag er juist uit als eene tooverheks. De ratten en
muizen vemeenigvuldigen by hem verbazend, dit
komt nu niet misfchien daarvan daan , dat 'er onlangs
eene ziekte onder de katten heerschte, en er nu in
de buurt nog flechts weinigen overig zyn : maar dat
heeft de verwenschte rattenvanger gedaan, wien hy,
voor eenige dagen , niets af koopen walde. Die h'^eft
hem dat ongedierte toe getoverd. Hy geraakt, door
zyne onvoorzigtigheid, door overylirg, en andere
verkeerdheden , in meenige ongelegenheid, en mee-
nigen nood, maar, in plaats van pogingen, om zich
te verbeteren, en die verkeerdheden af te leggen, be-
fchuldigt hy het ongelukkige gefternte , waaronder
hv geboren werd , en waant, tegen deszelfs invloed
en magt niets te kunnen ondernemen, en zoo te moe-
ten i-lyven , als hy eenrnaal is.
Als hem nu een ongeluk bejegend is, zoekt hy zich
door middelen , die met de vermeende oorzaken ftroo-
ken, wederom daarvan te bevTyden, Is hy ziek ge-
worden , dan roept hy geen bekwaam geneesheer te
hulp, maar bedient zich vooraf van fympatherifche
kuren. Heeft hy , by voorbeeld, tandpyn, dan gaat
hy heen , cn fnydt ftilzwygend — dit is eene hoofd-
zaak by zulke kuren — een fplinter van eenen boom,
daanrieede ftookt hy zyne tanden , en vervolgends
vlyt hy den fplinter wederom op zyne plaats in den
boom. Vergroeit nu de fnede van de boom, dan houdt
de tandpyn op. Hy kiygt wratten aan de handen.
Daar