Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
333 OR DE, ZINDELIJKHEID,
Een kleen uurtje had robert noodig gehad,,
toen kende hij zijne gefchiedenis van buiten,.
„ zoo riep hij, toen hij bij zijnen broeder op
het erf kwam, „ nu ben ik klaar; nu zal het:
,, fpelen wel eens zoo goed gaan." — „ Ei,"
zcide DIRK, „ ik zal mijne gefchiedenis ook nog
5, wel leeren," en de kinderen, fpeelden gedu-
rende het overige van den dag.
Den volgenden morgen dacht dirk aan zijne
gefchiedenis. „ Ei, daarmede zal ik nog wel '
5, klaar worden," dacht hij, „ eene kleene ge-
„ fchiedenis is immers welhaast geleerd." Ilij
ging eerst, eer de vader hen onderrigt gaf, in
den tuin, om te zien, of de aalbesfcn niet haast
rijp begonnen te worden, en of de bonte flek-
ken nog op dezelfde plaats waren, naar welke
hij ze gisteren gedragen had. Na den fchooltijd
was er immers nog tijds genoeg voor de ge-
fchiedenis.
Toen nu de fchooi voorbij was, welke de va-
der eiken morgen met zijne kinderen plagt te hou-
den, had dirk nog geen regten lust om te lee-
ren. Na fchooltijd mogt hij zie!; immers eerst
wel een kwartiertje vermaken, van dat kwartier-
tje werd bijkans een uurtje; en nu zette hij zich
neder, om zijne gefchiedenis tc leerL-n. Naauw-
lijks had hij dezelve eenige malen overgelezen,
toen