Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
3? RLpEIjE VÊRTËLLINGEN,
eene fafel, en wierp nu , öp een taamlijken af^
ftand, kleene gerstkorrels door het oog van die
naald. De Koning liet dien mensch eene maat
gerst geven, om hem tot voordzetting van eene
zoo zeldzame kunst in llaat te (lellen. Was die
belooning nu wel evenredig aan de kunst?
54, Men heeft van Oudsher menfchen genoeg
gevonden, die zich vermoeiden, om het zoo ver
te brengen, dat zij met groot voordeel goud
konden maken. Meenig een gaf zelfs voor, dat
hij'die kunst had uitgevonden. Een van deze
laatden kwam tot een Vorst, en vroeg geld van
hem, onder belofte , van zoo veel goud voor
hem te zullen maken, als hij verlangde. Maar
de Vorst liet hem flechts een grooten buidel ge?
ven, om daarin het geld te bergen, dat hij mar
ken zou.
' 55. Eenige jonge lieden wilden eens iemand
kwaad doen , en zochten een hunner bekenden
te overreden , om in hun voornemen te deelen.
Daar deze intusfchen, onder al hun aanpraten,
onbeweeglijk bleef, zoo voegden zij hem toe,
dat hij geen hart had, „ 01" zeide hij, „ dat
heb ik nooit tot booze bedrijven."
56. Iemand voerde eens een vreemdling, die
hem bezocht, door zijn nieijw gebouwd huis
ïond, om hem te doen zien, hoe fchoon,
gfoots'ch en prachtig alles Was ingerigt. Alles
"" ' ' bc