Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
l58 l ij t, l ü i h e t^,
Karel was altijd traag, verdrietig en onwillig
tot alles, wat hij te leeren of te doen had.
Gaf zijn vader, of zijn meester, hem eenigen
geringen arbeid op, dan geeuwde hij, en rekte
hij zich vooraf eenige malen uit'; en dan ging
het vervolgends 'zoo langzaam en fiepend , dat
men het niet aanzien mogt. Alles fcheen hem
te zwaar en té moeilijk; cn als het hem niet uit-
druklijk bevolen werd, verrigtte hij vast het ge-
ringde werk niet. Liever zat hij ganfche uren
op eene plaats, en verdroomde zijnen tijd, Ka-
rel bleef dom en lui.
Daarentegen was zijn jongere broeder frede-
rik een vlittige en levendige knaap. Hij leerde
geern al wat nuttig was, en verrigtte met lust
liet werk, dat hem opgegeven werd- Dikwijls
zat hij te lezen, te fchrijven, of te rekenen, zon-
der dat iemand hem zulks bevolen had. Zeker-
lijk moest frederik dus ve«l fchranderer en be-
"kwamer worden, dan de trage karel.
Toen karel ouder werd, ën zich zelven on-
derhouden moest, kon hij nergens te regt ge-
raken. Daar hij niets ordelijk geleerd had, was
hi] ook tot niets bruikbaar. Zelfs voor bladfchrij-
ver wilde niemand hem hébben, om dat hij al-
les verbrodde en niet doorwerkte. Nu zag hij
wel in, dat hij, reeds in zijne kindschheid, had
moeten vlijtig zijn en leeren, pm thands wel onder
de