Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
140 WAARACHTIGHEID, OPREGTHEID,
„ Hoe komt gij toch aan dit toeval?" vroeg
hem de Arts, na dat hij op het bed , waarop
men hem bragt, eenigermate bekomen was. „Er-
„ gemis!" was het eenige, dat de lijder uit-
brengen kon. De Arts fchreef de noodige ge-
neesmiddelen voor, beval aan Mejuffer roeland
de zorgvuldigde oppasfing, en hoopte, dat het,
binnen eenige dagen, wat beter wezen zou. De
Heer roeland werd door zijne zuster op de
beste wijze gekoesterd: maar hij fprak geen woord
met haar. Na eenige dagen , toen hij een weinig
beter fcheen te wezen, vroeg zij hem, wie hem
zoo veel ergernis gegeven had, ,, uwe rampzali-
,, ge klapachtigheid," andwoordde hij. „ Hebt
j, gij niet aan Mevrouw helveld alles overge-
„ briefd, wat ik u onlangs van de godlooze ftre-«
,, ken van den jongen korver zeide? Die boos-
„ wigt heeft dat alles vernomen, en Helt mij
„ deswege bij den Heer valk openlijk voor het
„ ganfche gezelfchap ten toon. Ik moet hem
„ bewijzen, zegt hij, dat hij een godloos mensch
„ zij. Hij dreigt mij te dagvaarden, en noemt
„ mii een Hechten karel. — O, mijn God! ik
„ fterf, als ik daaraan denk. Zie, en dat alles
„ heb ik nu aan u te danken. Gij zijt waar-
„ fchijnlijk de oorzaak van mijnen dood!"
Het arme meisje liep, weenende en fidderen-
de, door het ganfche huis rond. „ Ach , God!
„ wan.