Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
i3ft waarachtigheid, oprectheid,
„ ik kan het u ook onmooglijk zeggen , het
„ zou u al te zeer grieven." — „ Nu, kris
5,. tijntje! wat is het dan?" zeide de Heei
horn.
Dat goede mensch wilde het haren Heer nie
geerne regtuit zeggen. „ Mijn God! " voer zi
voord, „ ik moet het zeggen. Willem lieg
5, u voor. — Die kwetfuur aan het hoofd heef
„ hij niet bij het huis van renner gekregen
„ Ik weet het beter."
Na vele vragen en andwoorden , bleek , da
WILLEM een armen jongen op de ftraat geplaagd
dat hij met fteenen naar de bloote beenen va
den knaap geworpen, dat hij hem met eene zvvee
geflagen, en bij de haren had rondgeflingerd
De zwakkere knaap had hem gebeden, om her
toch gerust te laten gaan, maar vergeefs. Ein
delijk had hij zich niet anders kunnen verwe
ren, dan door met fteenen naar willem te wei
pen; en van zoodanig een worp had deze zijn
kwetfuur. „ Ik heb dat alles zelve aangezien,
zeide de meid. ,, Ik kon mijne eigene ooge
,, naauwlijks gclooven."
„ Willem!" riep de vader met eene gro\
ftem, is dat waar?" Willem ftamelde, e
ftptterde er iets uit — hij werd bleek , hij bi
gon te fidderen , hij floeg de oogen neder , e
was in zee? grooten angst. „ Boef!" riep zl
v: