Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
n IJ d, A f g u n s t, enz. lol
„ vergeef mij toch. alles, lieve marij! wat ik
„ u leeds gedaan heb!" Dat trof de andere.
Zij viel de zieke om den hals. Vergeef het
„ mij ook, ELIZABETH!" riep zij fnikkende:
5, ik heb u immers ziek gemaakt, door de
3, laatfte kijvagie." Toen verzoenden zich die
beide menfchen.
Marij koesterde de zieke van dien tijd af zeer
zorgvuldig. Wel tienmalen kwam zij des daags
voor haar bed, en vroeg, of haar iets ontbrak,
of het nu wat beter ging, of zij haar het
neesmiddel aanreiken moest. — Toen vingen zij
beiden aan, elkander lief te hebben.
Elizabeth genas na eenige weken , en kon
haar werk wederom verrigten. ^ O hoe veel be-
ter ging toen alle arbeid van de hand. Beiden
zochten voor eikanderen alles ligt te maken, en
alles te vermijden , wat liaar onaangenaam had
Icunnen wezen. Haar dienst was voor haar wel
tienmaal zoo gemaklijk, als te voren; en geen^
rai beiden dacht er meer aan, om een anderen
iienst te zoeken. — Wanneer zij des avonds
laar werk afgedaan hadden, of wanneer zij aan
iet fpinnewiel zaten , verhaalden zij clkanderen
ets, en verpraatten den tijd zoo aangenaam, dat
;ij niet wisten, waar hij bleef. ,, Welke zottin-
,, nen zijn wij geweest," zeiden zij dan wel
G 3 eens;