Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
GOEDHEID, ENZ, 4J
hij, in den hevigften toorn, „ gij zult mij nog
„ arm vreten."
Zoo weinig als meester pieterse aan zijne
kinderen te eten gaf; zoo veel gaf hij hen te
arbeiden. Nu eens moesten zij, in zijnen tuin,
geheele dagen lang planten en wieden; en geen
hunner durfde eene kruisbei, of aalbes, aanroe-
ren; en zij werden hard gekastijd, wanneer zij
hem niet genoeg gedaan hadden. Dan eens moes-
ten zij de tuinvruchten bij de huizen ronddragen
en verkoopen; en wanneer zij dezelven dan te-
rug bragten, om dat niemand daarvoor zoo veel
geven wilde, als hij vorderde, dan dreef hij hen
met de zweep voord, en moesten zij, tot in den
donkeren nacht, rondloopen, en de lieden zoo
lang bidden, tot dat zij hen de vruchten voor
den bepaalden duren prijs afkochten. —- Den
kleenften misflag der kinderen ftrafte meester pie-
terse met een dag honger lijden.
Op deze wijze maakte hij voor zijne arme kin-
deren het leven zeer lastig. Die arme fchepfels
zagen er zoo ellendig en droevig uit , dat elk
deernis met hen had. Hij zelf veroorlofde zich
insgelijks niet, zich zat te eten, of een ordelij-
ken rok te koopen; en beftendig was hij in angst,
dat zijn geld hem mogt ontftolen worden. Ja
hij kon, uit- hoofde van den angst, bijkans geen
nacht gerust flapen. Dus beroofde zijne gierig-
heid