Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
é/l weldadigheid,
en hij gaf aan elk zeer rijklijk — eenmaal des
jaars deed hij ook voor hen opdisfchen, en ont-
haalde ze aan eene lange tafel.
Denkt gii niet, dat de menfchen zullen ge-
zegd hebben, dat de Heer helmis een zeer wel-
dadig man was? Intusfchen zeiden zij dat niet;
maar veeleer: „ De Heer hel:mis is toch een
hovaardige nar! " — Maar waarom dit toch?
Dc Heer helmis had een zeer braven en vlij-
tigen daglooner, midden in den winter, uit zijn
huis doch werpen , dat hij in eene afgelegene
Itraat bezat — om dat dezelve hem een vieren-
deel jaars huur fchuldig was. Die man was een
langen tijd ziek geweest, en had dus niets kun-
nen verdienen. De Heer helmis had in een af-
gelegen ftadje zeer arme , maar regtfchapene,
bloedverwanten; en nooit had hij iets tot der-
zelver onderfteuning gedaan. De Heer helmis
had eene oude moei, die hem als kind tien ja-
ren lang had opgepast, met harde woorden af-
gewezen, naardien zij hem om eene geringe on-
derfteuning aanfprak. De oude vrouw was zes
uren gaans ver komen reizen, en moest nu on-
getroost terug keeren.
Raadt toch eens — waarom de man fomwijlen
zoo goedgeefs , en fomwijlen zoo hardvochtig
was? Gaf hij misfchien flechts dan, wanneer het
van elk ander mensch bemerkt kon worden? En
gaf