Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
2.Z WELDADIGHEID,
een arme fchoenmaker geweest was, die, voor
haar en hare kinderen, en voor haren ouden
vader, den kost gewonnen had. Nu was hij in-
tusfchen geftorven, na dat hij lang vooraf ziek
gelegen had, en haar geheele kleene vermogen
was met zijne krankheid henen gegaan. Thands
wilde zij naar eene moei reizen, en zien, of zij
bij haar onder dak geraken kon. „ Ach, God!"
voegde zij daarbij, „ wij kunnen naauwlijks een
„ voet meer verzetten- En als onze moei ons
„ niet opnemen kan, weet ik niet, wat ik aan-
,, vangen zal."
Vrouw eikveld, cn hare kinderen, waren zeer
bewogen bij het verhaal der arme fchoenmakers-
vrouw- Zij gingen in huis, om wat linnen voor
den ouden man, en, zoo mooglijk, ook een
paar fchoenen voor denzelven, op te zoeken, en
eten voor hen allen aan te brengen.
5, Moeder! " zeide lotje , op een fmeeken-
den toon, ,, kunt gij voor die arme lieden geen
„ wagen huren, en ze naar de moei doen bren-
„ gen? zie, zij kunnen immers nu reeds niet
„ meer voord, wat zal het dan zijn, als zij nog
„ dien verren weg moeten afloopen- En als gij
3, haar dan ook nog eens wat geld gaaft?" —
„ Denkt gij niet, dat ik zulks geern doen zou,
andwoordde de Moeder, „ als ik geld had? Maat
„ ik heb, helaas! zoo veel niet te misfen." —
„ O